De 2000-Jarige Geschiedenis van Baklava: Van Assyriërs tot Ottomaanse Paleizen
De wortels van baklava gaan veel dieper dan vaak gedacht. Een fascinerende culinaire reis van Assyrische tabletten en Byzantijnse recepten naar Seltsjoekse keukens en het Topkapi-paleis.
De oorsprong van baklava heeft geen enkel definitief antwoord, want het verhaal van dit dessert reikt terug tot de 8e eeuw v.Chr., mogelijk eerder. Kleitabletten uit de Assyrische beschaving vermelden een zoet gebak gemaakt door noten te bakken tussen dunne laagjes deeg — de oudst bekende voorouder van baklava.
In oude Griekse en Romeinse keukens bestond een gebak genaamd "plakous" (Grieks voor "dunne laag"). De dichter Philoxenus beschreef dit dessert in de 4e eeuw v.Chr. als "voedsel van de goden." Tijdens het Byzantijnse Rijk werd plakous een onmisbare lekkernij in paleizen en verspreidde zich door Anatolië.
Toen de Seltsjoeken naar Anatolië kwamen, kwamen zij in aanraking met dit gebak en pasten het aan hun keuken aan. In de 13e eeuw, in Konya aan de tafel van Mevlana, werd een baklava-achtige lekkernij geserveerd. Gaziantep — nu bekend als de geboorteplaats van moderne baklava — lag aan een belangrijke handelsroute en de pistacheboomgaarden van de regio leverden het essentiële ingrediënt.
Baklava bereikte echter zijn perfecte vorm in de Ottomaanse paleiskeukens. De traditie van de "Baklava-processie", elke 15e dag van Ramadan gehouden in het Topkapi-paleis, toont hoe belangrijk dit dessert voor het rijk was. Schalen baklava verstuurd door de sultan naar Janitsaren-regimenten symboliseerden respect voor het leger.
In 2013 werd "Antep Baklava" het eerste Turkse voedsel dat een Geografische Aanduiding-bescherming van de Europese Unie ontving. Vandaag, in elke schaal die wij produceren bij Sultan's Patisserie Baklava in Utrecht, klopt het hart van deze 2000-jarige erfenis verder.